Correctief referendum redt de parlementaire democratie – BVNL wil grondwetswijziging

Vandaag debatteert de Tweede Kamer over de invoering van een correctief referendum. Helaas lijkt dit bij voorbaat een verloren zaak. In Nederland komt de kiezer altijd bedrogen uit. Het kabinet hoort namelijk alleen zichzelf graag praten, de stem van de burger is slechts gefluister in de marge.

Kabinet viert haar eigen feestje
Samen met Renske Leijten van de SP pleit BVNL voor een grondwetswijziging die het mogelijk maakt een correctief referendum in te voeren. Middels zo’n referendum kunnen kiezers stemmen over wetsvoorstellen die door de Eerste en Tweede Kamer zijn aangenomen. Stemt de meerderheid van de kiesgerechtigden tegen, dan is wetgevende macht verplicht die uitslag te honoreren. Hiermee heeft de burger dus het laatste woord. Zoals het zou moeten zijn in een fatsoenlijke democratie. Maar niet zoals het nu gaat in Nederland. Onze democratie hapert. En dat is een understatement. De stemmingen in de Kamer over wetten en moties doen geen recht aan de verkiezingsuitslag. Het kabinet wordt niet gecontroleerd, maar altijd in het zadel gehouden door de coalitie. Het mondkapjesdeal-debat is er een recent, maar niet op zichzelf staand, voorbeeld van. De meerderheid van de kiezers zag Hugo de Jonge het liefst zijn biezen pakken. En terecht, want zijn wandaden kunnen het daglicht niet verdragen. Desondanks kon hij gewoon blijven zitten, omdat het kabinet, eenmaal in het zadel, de stem van de burger niet meer hoort. Want het kabinet hoort alleen zichzelf graag praten en viert haar eigen feestje. Zonder de Nederlander uit te nodigen.

Kiezersbedrog
Zo zijn er legio voorbeelden. Die ‘nieuwe bestuurscultuur’ gaat er niet gaat komen. Immers, cultuur zit in mensen en als je te weinig veranderingen aanbrengt in het team, zal de cultuur niet wijzigen. Het vertrouwen in de politiek is schrikbarend laag en dat is niet zonder reden. De burger realiseert zich terdege dat zijn belang en zijn mening er voor de zittende macht helemaal niet toe doen. VVD’er Johan Remkes riep de VVD deze week dan ook op om voor het wetsvoorstel voor het correctief referendum te stemmen, maar inmiddels is al goed zo goed als zeker dat de partij unaniem tegen zal zijn, net als het CDA. Bovendien is de vereiste opkomstdrempel in het wetsvoorstel zo absurd hoog, dat het eigenlijk altijd onmogelijk zal zijn voor de burger om een aangenomen wetsvoorstel terug te draaien. De Tweede Kamer laat het gebeuren, want het dualisme is dood. Helaas moet BVNL constateren dat Kamerleden van de coalitie voornamelijk in dienst van de regering opereren om met een minieme minderheid plannen, waarvan nooit aan de kiezers gevraagd is wat die er eigenlijk van vinden, goed te keuren. Wil de meerderheid van Nederland dat statushouders voorrang krijgen op een woning, terwijl hun eigen kinderen jaren op de wachtlijst moeten staan? Wil de meerderheid van Nederland dat straks hun eigen huizen gevorderd kunnen worden voor de vluchtelingen en asielzoekers? Wil de meerderheid van Nederland een avondklok en een coronapas om te kunnen reizen? Wil de meerderheid van Nederland een Europese identiteit? Wil de meerderheid van Nederlander een windmolen in z’n achtertuin? Wil de meerderheid van Nederland de gaskraan dichtdraaien? BVNL durft te wedden dat de meerderheid van Nederland op al die dingen helemaal niet zit te wachten. Daar hebben de kiezers geenszins voor gekozen, maar desondanks is het wel wat zij krijgen. Daar hebben ze een woord voor: kiezersbedrog. En de Nederlandse kiezer komt al jaren zeer bedrogen uit.

Burgers worden onderschat
Het is van belang dat de kiezer de mogelijkheid krijg om aan de noodrem te trekken. BVNL wil een veel directer democratie. Een democratie, zoals een democratie bedoeld is. Tenslotte, als de stem van de burger toch slechts tegen dovemansoren praat, kun je je afvragen of je wel echt in een democratie leeft. Het is dus weinig minder dat bizar dat partijen die zichzelf democratisch noemen, tegen dit wetsvoorstel stemmen. En een correctief referendum is weliswaar slechts een doekje voor het bloeden van de gapende wond die de Nederlandse democratie is, maar het is een begin. Burgers worden door de Nederlandse Staat stelselmatig onderschat, aangezien de vrees zogenaamd altijd is dat referenda zouden zorgen voor anarchie en gierende begrotingstekorten, omdat mensen allerlei dingen willen die helemaal niet kunnen, en/of de juiste kennis niet hebben om de juiste keuzes te kunnen maken. Maar mensen zullen verstandige keuzes maken, als je hen daarvoor de kans geeft. Tenslotte zijn het niet hun keuzes die onze maatschappij naar de rand van de afgrond hebben gebracht, maar die van de mensen die hun keuzes juist nooit gerespecteerd hebben. En laten we eerlijk zijn: als we het dan over benodigde kennis hebben, schort het daar bij onze bestuurders ook niet zelden aan. Sla de CV’s van de bewindspersonen uit vak K er maar eens op na. Zijn dat vakinhoudelijke mensen, of vooral een stel bange bureaucraten, die vrezen dat ze hun zin niet meer kunnen doordrijven, als het volk voor het voor het zeggen krijgt?

Het is tijd voor een cultuuromslag. Tijd om af te rekenen met de regenteske manier van regeren, die zo kenmerkend is voor de Nederlandse bestuurscultuur. Die dus geenszins wordt vernieuwd, maar het liefst zoveel mogelijk bij het oude gehouden wordt, zodat de burger zo weinig mogelijk in de melk te brokkelen heeft. BVNL wil de burgerlijke vinger veel dieper in de Haagse pap. De stem van de kiezer moet gehoord worden, niet slechts één keer in de vier jaar, maar het hele jaar door. En zo lang hoeft het kabinet niet eens te luisteren, want de vraag van een referendum is simpel: is het ja, of is het nee? Maar dat is nu juist het probleem: het kabinet wil het antwoord gewoon liever niet horen.