Wybren van Haga verzoekt tot vervolging minister Hugo de Jonge voor door hem gepleegde ambtsmisdrijven

Discriminatie, groepsbelediging, aanzetten tot haat en uitsluiting, maar ook dood door schuld

Op zondag 7 november 2021 deed Wybren van Haga aangifte van discriminatie, groepsbelediging, aanzetten tot haat en discriminatie en uitsluiting tegen (toen) demissionair minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, Hugo de Jonge, vanwege het onder zijn verantwoordelijkheid tot stand gekomen coronatoegangsbewijs (CTB) en door hem gedane uitspraken over ongevaccineerden.

Het Openbaar Ministerie besloot de heer De Jonge niet te vervolgen. Hiervoor werden, kort gezegd, twee redenen aangedragen: ten eerste gaat het om vervolging van De Jonge als politicus en minister, in die hoedanigheid is hij verantwoording schuldig aan de Tweede Kamer. Daarom verhoudt het zich volgens het Openbaar Ministerie niet dat ministers ook individueel strafrechtelijk vervolgd kunnen worden voor onder hun verantwoordelijkheid gevoerd beleid.

Daarnaast zijn er volgens het Openbaar Ministerie geen strafbare feiten gepleegd door de heer De Jonge. Kort gezegd heeft dit ermee te maken dat er een beperkt aantal gronden voor discriminatie, groepsbelediging en aanzetten tot haat en discriminatie in de Nederlandse Strafwet zijn opgenomen. Dit zijn: ras, godsdienst, levensovertuiging, geslacht, hetero- of homoseksuele gerichtheid, lichamelijke, psychische of verstandelijke beperking. ‘Medische status’ is op dit moment niet als een van de specifiek beschermde groepen opgenomen in het Nederlandse strafrecht.

Verzoek tot vervolging via procureur-generaal
BVNL laat het hier niet bij zitten. Het is onacceptabel dat er maandenlang een discriminerend, uitsluitend en stigmatiserend middel als het CTB is gehanteerd in Nederland. Het is eveneens onacceptabel dat De Jonge met zijn uitspraken over ongevaccineerden een ware hetze tegen hen heeft ontketend en er zo mede voor heeft gezorgd dat zij langzaam zijn verworden tot tweederangsburgers.

Daarom wendt Van Haga zich ditmaal tot de procureur-generaal bij de Hoge Raad, om hem te verzoeken over te gaan tot vervolging van De Jonge, wegens door hem gepleegde ambtsmisdrijven. Het verzoek tot vervolging ziet specifiek toe op het onder de verantwoordelijkheid van De Jonge tot stand gekomen en uitgevoerde beleid omtrent het vragen van het CTB en door hem gedane uitspraken. Het gaat hier wederom om discriminatie, groepsbelediging, aanzetten tot haat en uitsluiting.

In het verzoek tot vervolging is te lezen dat, hoewel ‘medische status’ niet als specifieke grond voor strafrechtelijke vervolging is neergelegd in de Nederlandse Strafwet, dit niet direct betekent dat er niet tot vervolging van De Jonge overgegaan kan worden. Hier worden een aantal argumenten voor aangedragen, die nu (kort) worden toegelicht.

Ten eerste is het in lijn met zowel nationaal als internationaal recht indien discriminatie, groepsbelediging of aanzetten tot haat en discriminatie tegen iedere minderheidsgroep strafbaar zou zijn onder de Nederlandse strafwet. Zowel in de Nederlandse Grondwet, als in tal van internationale verdragen die ten grondslag liggen aan de artikelen in het Nederlandse Wetboek van Strafrecht, is te lezen dat het gaat om het uitbannen van discriminatie op ‘welke grond dan ook’. Het zou merkwaardig zijn als er dan geen strafrechtelijke vervolging mogelijk is wanneer het gaat om discriminatie op grond van ‘medische status’ – enkel en alleen omdat dit geen benoemde grond is in het Wetboek van Strafrecht. Dit is eveneens in lijn met de Aanwijzing discriminatie (2018A009).

Indien de procureur-generaal hier niet in mee zou gaan, kan nog worden betoogd dat het ‘ongevaccineerd zijn’ een levensbeschouwing is – aanhangers van een levensbeschouwing vallen wel onder de specifieke bescherming van het Nederlandse strafrecht. Om ‘ongevaccineerd zijn’ als levensbeschouwing te kwalificeren, moet het gaat om denkbeelden met een zekere mate van overtuigingskracht, serieusheid, samenhang en belangrijkheid. Het gaat, zoals blijkt uit staande jurisprudentie, vooral om ideeën die betrekking hebben op een fundamenteel vraagstuk, die ieder onderdeel van het leven beïnvloeden. Hier is wat betreft het ‘ongevaccineerd zijn’ aan voldaan, zo is in de aangifte uitgebreid onderbouwd.

Stel dat ook hier niet in mee wordt gegaan, dan kan nog betoogd worden dat het ‘ongevaccineerd zijn’ een politieke overtuiging is, die onder de bescherming van de vrijheid van meningsuiting valt. Dwang of drang om te vaccineren – zoals het vragen van het CTB – maakt expliciet inbreuk op de vrijheid van meningsuiting, omdat dit feitelijk een manier is om deze ‘mening’ en de uiting ervan in toenemende mate onmogelijk te maken.

Een beperkingsgrond voor zowel de beperking van de vrijheid van levensbeschouwing, als de vrijheid van meningsuiting is het beschermen van de volksgezondheid. Echter, kan daar wat het CTB betreft geen beroep op worden gedaan. Er is geen enkele medisch-wetenschappelijke noodzaak tot het vragen van het CTB: nu niet, maar ook niet ten tijde van het demissionair ministerschap van De Jonge.

Tot slot is in het verzoek tot vervolging nog stilgestaan bij de speciale rol van Hugo de Jonge als demissionair minister. Zou hij niet een grote vrijheid van meningsuiting moeten genieten, juist omdat hij demissionair minister is? Vooropgesteld, BVNL is een groot voorstander van een zo groot mogelijke vrijheid van meningsuiting. Echter, hier zitten grenzen aan. Een van deze grenzen is het – evident – overschrijden van strafrechtelijke normen. Er dient, hier en nu, een grens te worden getrokken. In onze democratische rechtsstaat is niet alleen de democratische component (de meerderheid beslist), maar ook de rechtsstatelijke component belangrijk. Deze laatste ziet toe op de bescherming van de minderheid tegenover de meerderheid – dit is de belangrijkste reden dat we überhaupt grondrechten hebben.

Dood door schuld
De grondrechten zijn met voeten getreden tijdens de coronacrisis. Er is gespeeld met mensenlevens. Zo stelt de Onderzoeksraad voor Veiligheid in een rapport van februari 2022 dat er zich een ‘stille ramp’ heeft voltrokken in verpleeghuizen tot september 2022. Door het onder de verantwoordelijkheid van Hugo de Jonge tot stand gekomen en uitgevoerde beleid, hebben talloze kwetsbare bewoners in verpleeghuizen het leven gelaten. BVNL vindt dit onacceptabel. Daarom is bij de procureur-generaal tevens het verzoek tot vervolging van Hugo de Jonge voor dood door schuld neergelegd.

Bekijk hier de aangifte tegen (toen) demissionair minister Hugo de Jonge.
Bekijk hier de aangifte dood door schuld.